Hernieuwde pogingen om inkooponrust Jeugdwet & Wmo de kop in te drukken

Inkoop in het sociaal domein blijft een hot topic. Afgelopen maand kwam minister De Jonge (VWS) met twee voorstellen voor wetswijzigingen op dit gebied. Begin november berichtte De Jonge de Kamer over zijn voorstel voor een stelselwijziging in de jeugdzorg. Een week later kwam daar een voorstel om aanbestedingsprocedures in het sociaal domein te vereenvoudigen. Ter voorbereiding van onze mini-masterclass over de inkoop in het sociaal domein zullen wij beide voorstellen in deze blog bespreken.

Voorgestelde stelselwijziging Jeugdwet

Op 7 november jl. kondigde minister De Jonge van (VWS) een (volgende) stelselwijziging voor de jeugdzorg aan. De beloftes van de Jeugdwet zijn namelijk “nog onvoldoende ingelost”, zo stelt de minister. Om de Jeugdwet beter te doen functioneren gaan de Jeugdregio’s op de schop. De Jeugdregio’s, de samenwerkingsverbanden van gemeenten, dienen een minder vrijblijvende vorm te krijgen.

Gemeenten werken samen om uitvoering te geven aan hun Jeugdhulp-taken. Voor bepaalde vormen van zorg is het wenselijk dat deze regionaal of zelfs bovenregionaal worden vormgegeven. Dat is het geval bij specialistische, weinig voorkomende zorg. Door de minister is gesignaleerd dat de samenwerking binnen de Jeugdregio’s of instabiel is, of onvoldoende snel gaat. Om de Jeugdregio’s te versterken is het voorstel om de vorm en de taken van de Jeugdregio’s vast te leggen in de Jeugdwet. Daarmee zullen de regio’s wettelijk verankerd worden en zal worden vastgelegd welke vormen van zorg lokaal, regionaal dan wel bovenregionaal moeten worden georganiseerd.

Ook op een aantal andere punten wil minister De Jonge eveneens nadere regels stellen. Zo wenst De Jonge zorgvuldigheidseisen vast te leggen bij de inkoop van weinig voorkomende, specialistische jeugdzorg. Bij deze inkoop moeten dan afspraken worden gemaakt over de continuïteit van de zorg en zal sprake zijn van meerjarige afspraken. Ook beoogt De Jonge te garanderen dat gemeenten reële prijzen hanteren voor jeugdzorg. In dit verband wil De Jonge de Jeugdwet wijzigen zodat bij AMvB regels kunnen worden gesteld voor reële prijzen – naar voorbeeld van de AMvB reële prijs Wmo.

De regering wenst met deze voorstellen het initiatief weer in handen te nemen. De gemeenten, bij monde van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), hebben al laten weten geen heil te zien in (alweer) een stelselwijziging. Gemeenten delen de probleemanalyse van de minister, maar zien vooral noodzaak in structurele financiële middelen – zeker gezien het voorstel over reële prijzen. Hoewel het Rijk de komende drie jaren extra geld uittrekt voor de jeugdzorg, wordt het uittrekken van structurele middelen nog onderzocht door het kabinet. Ook de Kamer heeft nog geen blijk gegeven overtuigd te zijn van de plannen van minister De Jonge.

Voorstel vereenvoudigde aanbesteding

Op 15 november jl. volgde een voorstel om de aanbestedingsprocedures in het sociaal domein te versimpelen. Daarvoor wordt voorgesteld de EMVI-verplichting (economisch meest voordelige inschrijving) uit de Jeugdwet en Wmo te schrappen. Op dit moment zijn gemeenten verplicht te gunnen op basis van dit criterium. Daardoor moeten gemeenten opdrachten gunnen door offertes te vergelijken op basis van een vooraf bedachte gunningssystematiek. Door de aard en de complexiteit van het sociaal domein is dat een erg ingewikkelde opgave.

Met dit voorstel probeert minister De Jonge de aanbestedingsproblematiek het hoofd te bieden binnen de kaders van de Europese aanbestedingsrichtlijn. De Jonge ziet echter meer heil in een herziening van de aanbestedingsrichtlijn, in de zin dat de richtlijn niet langer van toepassing zal zijn op zorgdiensten in het sociaal domein. Een herziening van de aanbestedingsrichtlijn laat echter nog even op zich wachten. Vandaar een voorstel binnen de kaders van de huidige richtlijn.

De Europese aanbestedingsrichtlijn biedt de mogelijkheid voor een vereenvoudigde aanbestedingsprocedure voor sociale en andere specifieke diensten (de SAS-procedure). Hiermee heeft de Europese wetgever recht willen doen de bijzondere aard van sociale diensten. De SAS-procedure is ook opgenomen in de Aanbestedingswet 2012. Daarin is deze procedure niet nader omschreven, maar zijn alleen de minimumeisen overgenomen. Gemeenten zijn dus vrij de procedure naar eigen believen in te richten. Gemeenten zeggen vaak gebruik te maken van deze procedure, maar richten zulke procedures vervolgens vaak feitelijk in als een Zeeuws model of een dialooggerichte procedure. Dat zijn open-house procedures en geen aanbestedingsprocedures waarbij overheidsopdrachten worden gegund.

Door het schrappen van de EMVI-verplichting moeten gemeenten beter in staat worden gesteld gebruik te maken van de mogelijkheden die de SAS-procedure biedt. Minister De Jonge heeft een procedure voor ogen waarbij gemeenten overheidsopdrachten aan een beperkte groep van “beste partners” kunnen gunnen. Gemeenten zouden dat kunnen bereiken door selectiecriteria te hanteren om een schifting te maken onder geschikte aanbieders. Zo’n selectie wordt noodzakelijk geacht in gevallen waarin er een groot aantal aanbieders zijn. Ter vergelijking; bij een open-house zouden alle aanbieders die aan de geschiktheidscriteria voldoen moeten worden gecontracteerd. Dat bemoeilijkt de onderlinge samenwerking van aanbieders en bemoeilijkt de regie van gemeenten. Minister De Jonge komt over enige tijd met een handleiding voor de toepassing van deze procedure.

Jonas Kooijman LL.B en mr. Loubna Boufrach

Op donderdag 12 december a.s. organiseert BOUF een gratis mini-masterclass over inkoop in het sociaal domein: ‘Invloed en pijn bij inkoop en aanbesteden in het sociaal domein’. Aanmelding kan hier.

Van Regels naar Mensen

Dit team van creatieve aanpakkers en bevlogen professionals pakt vraagstukken bij de kern beet.

Maak kennis met BOUF
Contact